Laura en ik hebben de afgelopen 2 dagen doorgebracht op zo’n 2 kilometer ten westen van La Fortuna (het dorp dat bekend staat om de vulkaan Arenal, die letterlijk ‘om de hoek’ ligt). We hebben onszelf tijdens oud en nieuw getrakteerd op een hotel en een dagje Baldi. Zeker de laatste is een absolute aanrader mocht je in de buurt zijn.

Om bij de vulkaan Arenal te komen mochten we een mooi stuk rijden. De route van San José naar La Fortuna ging eerst een stuk over de interamericana, een van de weinige ‘snelwegen’ in Costa Rica. Wij hadden geluk dat het verkeer prima door reed waardoor we geen oponthoud hebben gehad achter vrachtwagens en andere langzame verkeersdeelnemers. Soms is dat wel anders… Gelukkig is de interamericana op sommige plaatsen, voornamelijk bergopwaarts, voorzien van een inhaalstrook waardoor het eenvoudiger wordt om langzame personen in te halen.

Rijden door het nevelwoud

Pas echt mooi werd de route pas na San Carlos. San Carlos ligt vrij hoog en de wolken bevinden zich vaak op slechts een paar meter boven je hoofd. Soms ligt San Carlos zelfs al in de wolken. In San Carlos stond de route naar de Arenal al goed en duidelijk aangegeven. De route liep via het tropische nevelwoud (‘cloud forest’) van San Lorenzo via wat andere prachtige kleine plaatsjes direct naar La Fortuna, en het was een plezier om hier te rijden. De wegen zijn uitermate goed onderhouden en het landschap is prachtig groen, waar je ook kijkt. Al gauw zaten we echter in de wolken, wat een hele andere ervaring is. De wolken waren zo dicht dat het zicht minder dan 20 meter betrof en wij konden dus slechts 10 á 20 km per uur rijden. Waar wij ook keken: alles was prachtig melkwit. Al met al is deze route voor iedereen een aanrader! Wij hebben er vanuit San José slechts 2,5 uur over gedaan om bij de vulkaan Arenal te komen.

Nationaal Park vulkaan Arenal

Omdat we lekker vroeg waren vertrokken en de reistijd enorm meeviel hadden we nog een hele dag over. De rest van de dag hebben we doorgebracht in het Parque Nacional Volcan Arenal. De nationale parken in Costa Rica zijn van de overheid en men vind ze vaak van mindere kwaliteit dan de private parken. Ik ben het niet met deze mening eens. Alle parken die ik tot nu toe heb bezocht waren prachtig en deden zeker niet onder voor de commerciële varianten. Zo ook het park bij de vulkaan. Daar komt nog bij dat de prijs ook zeer gunstig is, voor ons als inwoners van Costa Rica slechts $2 (1000 colones) per persoon (als toerist betaal je $10 per persoon).

Het park heeft een prachtig uitzichtpunt op de vulkaan vanaf waar we de lava naar beneden konden zien stromen. Helaas was er wel wat bewolking zodat we de vulkaan nooit in zijn geheel hebben kunnen zien (geeft niet, hebben we vorig jaar al :p). Omdat er naast ons slechts 1(!) ander koppel aanwezig was was het doodstil in het park. Hierdoor waren de geluiden die de vulkaan produceerde nog indrukwekkender. Ook bezit het park enkele wandelpaden die je door de tropische vegetatie laten lopen. Een van deze paden eindigde bij gestold lava uit 1992 waar we een stuk op geklommen hebben. Gestold lava is eigenlijk niets anders dan zwart steen en ik had me er wat anders bij voorgesteld. Blijkbaar is het ook een goede voedingsbodem voor orchideeën, want die groeiden er in overvloed (uiteraard natuurlijk, en niet gepland).

Klik hieronder op “continue reading” om verder te lezen.

Oud en nieuw

Aan het einde van de dag moest er ook gegeten worden. Omdat we slechte ervaringen hebben met eten op de 31e van december (veel restaurants zijn dan gesloten of hebben een verplicht menu waarbij je dus niet echt een keuze hebt) vreesden we het ergste. Gelukkig heeft toerisme ook een voordeel: omdat La Fortuna zó toeristisch is was alles open. Van restaurants tot souvenirshops en van het tankstation tot de supermarkt.

Ook in Costa Rica steekt men vuurwerk af. Vanaf ons balkon konden wij genieten van het (vaak professionele) vuurwerk dat de hotels afstaken. De vulkaan zorgde voor een mooie echo waardoor het vuurwerk erg indrukwekkend klonk. Alle knallen leken luider dan normaal en we hoorden ze nog dubbel ook.

Baldi Hot Springs

De 1e dag van het nieuwe jaar hebben we doorgebracht in Baldi. Baldi is een complex met 30 verschillende natuurlijk verwarmde baden voorzien van heet en helend water. Het water schijnt rechtstreeks uit de grond aan de voet van de vulkaan gepompt te worden en, naast kokend heet, ook nog eens erg gezond te zijn. Naast de baden is Baldi ook nog eens prachtig aangelegd met verschillende tropische planten.

De toegangsprijs voor Baldi is $25 per persoon. Gelukkig wonen wij in Costa Rica en konden wij dus, wederom, profiteren van het feit dat toeristen nou eenmaal meer betalen. Wij hoefden voor een dag Baldi slechts $12 entree af te rekenen. Het is overigens verboden om eten en drinken mee naar binnen te nemen en men maakt daar handig gebruik van door voor het eten, dat overigens wel prima smaakt, schandalig hoge prijzen te vragen. Voor een eenvoudig bord arroz con pollo (rijst met kip), iets dat in een willekeurig restaurant vaak niet meer dan $5 kost, mag in Baldi $19 worden neergelegd. Toch blijft Baldi een absolute aanrader voor iedereen die in de buurt is.

De terugreis

Onze terugreis verliep zonder noemenswaardige problemen, al was het rijden in het nevelwoud een van mijn spannendste ritjes ooit. In het pikkedonker, in de wolken en dus met minder dan 20 meter zicht, proberen een weg te volgen was een uitdaging. De weg was dan wel voorzien van ‘kattenogen’, het bleef ontzettend moeilijk. Vrijwel de hele tocht reed ik van kattenoog naar kattenoog, wetende dat naast mij niets anders was dan berghelling. Gelukkig heb ik inmiddels wel ervaring met vreemde situaties, iedereen die niet van hier is kan ik afraden hier in het donker te rijden.